The Comic Book And Me #40

Well, the comic book and me, just us, we caught the bus
The poor little chauffeur, though, she was back in bed
On the very next day, with a nose full of pus
Yea! Heavy and a bottle of bread
Bob Dylan - "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread"


Een van de aangename zaken van het lezen van comics is de mogelijkheid om langdurig te staren naar een pagina vol tekeningen. Het inzuigen van de details. De comic-serie Rockstars heeft af en toe van die pagina's of tekeningen vol details, zoals de bovenstaande tekening die ik tegenkwam in het net verschenen tweede nummer van Rockstars.
Na een tijdje staren dacht ik een concertposter uit 2010 te herkennen, een poster gemaakt door Ken Taylor:



De tekenaar van Rockstars, Megan Hutchison, moet deze poster als uitgangspunt hebben genomen voor de Dylan-poster in de comic. Dat wordt duidelijk wanneer je de bewuste tekening uit Rockstars vergroot (in de originele comic is de Dylan-poster ongeveer 1 centimeter hoog...):



The 1966 Live Recordings - een anti-recensie #14

Luisterend naar de verschillende concerten van tournee '66 heb ik eigenlijk nooit een uitgesproken voorkeur voor Dylans solo-set of de Hawks-set gehad. Beide sets zijn mij eigenlijk altijd min of meer even lief. Bij het concert in Edinburgh (20 mei) ligt dat anders: ik vind Dylans solo-set wat tam terwijl hij en de mannen van The Hawks in het tweede deel van het concert wel knallen.
Daarmee wil ik niet zeggen dat Dylans solo-set in Edinburgh slecht is, dat is 'ie namelijk niet. Maar groots is die solo-set nou ook weer niet. Ik heb inmiddels vele solo-sets in The 1966 Live Recordings gehoord die echt beter zijn dan Edinburgh.
Is het erg dat ik dat vind? Ja, het laat zien dat ik een verwend kreng ben.

Goed, Edinburgh dus. Wat moet ik over dit concert schrijven? Wat ik ook schrijf, ik mag de woorden "fragiel" en "breekbaar" niet gebruiken. (zie hier).
"Fourth Time Around" is in de oren van het publiek grappig en voor "Visions Of Johanna" blijkt dat Bob Dylan de benodigde mondharmonica niet bij zich te hebben gestoken. Hij mag een harmonica lenen van iemand in het publiek. (Wie neemt er nou een harmonica mee naar een concert? Rare mensen daar in Edinburgh.)
Zowel de opname van "Desolation Row" als van "Mr. Tambourine Man" is net niet helemaal compleet, maar alleen achter "Desolation Row" op de hoes van deze cd staat "incomplete". Vreemd.

Bij het opzetten van de cd met het Hawks-deel van dit concert is meteen hoorbaar dat dit een opname is van Richard Alderson. Mono, droog, perfect.
"Tell Me, Momma" schudt het publiek in het ABC Theatre wakker. Hoe meer opnamen van tour '66 ik hoor, hoe meer ik er van overtuigd ben dat Bob Dylan tijdens het Hawks-deel soms met opzet te hard in de microfoon zong zodat zijn stem vervormd werd vanwege de extra dimensie die dit de muziek meegeeft. Luister maar naar "I Don't Believe You".
Vanaf "Just Like Tom Thumb's Blues" tot het eind van het concert staan Dylan & The Hawks op de toppen van hun tenen te spelen. Messcherp.
"Leopard-Skin Pill-Box Hat" - niemand zit stil - wordt opgedragen aan de Taj Mahal en "Ballad Of A Thin Man" van Edinburgh kennen we al van het zevende deel van The Bootleg Series.
"Richard" zegt Dylan in de microfoon voor hij meneer Jones aan de schandpaal nagelt.
Drummer Mickey Jones opent afsluiter "Like A Rolling Stone" met een dusdanig harde knal dat er daarna geen weg meer terug is. Snoeihard en overdonderend.
Het publiek in Edinburgh was alleraardigst, aldus Dylan aan het eind.
Hij heeft gelijk, in 1966 woonden er in Edinburgh alleen maar aardige mensen.


Extra concert Amsterdam

Bob Dylan en band geven op dinsdag 18 april een extra concert in AFAS Live, Amsterdam. De kaartverkoop voor dit derde concert in reeds van start gegaan.
Eerder werden al concerten van Bob Dylan op 16 en 17 april aangekondigd.

Tip

Het schitterende fotoboek Here And Gone van John Cohen is in de Ramsj. Het boek kost nu nog maar €17,50.
In oktober 2014 schreef ik hier over Here And Gone. Mocht je Here And Gone nog niet hebben, dan kan ik je aanraden om nu je kans te grijpen en dit boek alsnog te kopen.
[met dank aan Alja en Herman voor de tip en het artikel]

The 1966 Live Recording - een anti-recensie #13.2

"Als ik 'Ballad Of A Thin Man' hoor, heb ik het gevoel alsof ik verbaal in m'n hempie wordt gezet. Ken je dat?"
"Ja, heb ik ook. Je durft 't niet eens meer niet mooi te vinden."
"Maar je vindt 't toch wel mooi?"
"Tuurlijk, wat dacht jij dan..."
"Nee, dan is 't goed."
"Glasgow was dit toch?"
"Klopt."
"Ik ben achteraf wel blij dat ik niet daar in 't publiek zat..."
"Hoezo?"
"Nou... Ach laat maar... Laten we maar luisteren."
"... Kippenvel..."
"Ja..."

The 1966 Live Recordings - een anti-recensie #13.1

“Waarom luister je naar Bob Dylan?”
“Om hoe hij ‘Just Like A Woman’ speelde, Glasgow, 19 mei 1966. Breekbaar.”
“Alleen daarom?”
“Vandaag wel.”

Modern Times

In een dwaze bui koop ik nog een exemplaar van Modern Times omdat het hoesje er iets anders uitziet dan het hoesje dat al thuis in de kast staat. Onderweg naar huis draai ik de cd. Het luisteren gaat niet verder dan het vierde nummer - "When The Deal Goes Down" - dan zijn we thuis.
Dat was een paar dagen geleden, dit is vandaag:
Ik heb Modern Times in de cd-speler geschoven, het exemplaar dat ik een paar dagen geleden kocht. Waarom kocht ik die cd? Ik twijfel aan mezelf. Modern Times is goed, maar lang niet zo goed als die andere eenentwintigste eeuwse werken van Bob Dylan: "Love and Theft", Together Through Life en Tempest. Bovendien is Modern Times een album dat op vinyl beter tot z'n recht komt dan op cd. Dat ligt niet alleen aan de veel betere geluidskwaliteit van het vinyl, maar vooral ook door de structuur van het album. De de songs op Modern Times houden een vinyl-structuur aan. Dat hoorde ik in oktober 2013 [zie Alles is oké, ma; de Bob Dylan aantekeningen 2013 - 2015, blz. 57 - 59], ik heb Modern Times nooit meer zonder vinyl-structuur kunnen horen.

Goed, het is vandaag. Ik heb Modern Times in de cd-speler geschoven. Terwijl "Thunder On The Mountain" door de kamer schalt - altijd hard draaien, dit "Thunder On The Mountain", altijd hard - zet ik een kop koffie voor mezelf. Eén kopje, meer niet. Tot een half jaar geleden dronk ik sloten koffie per dag. Nu niet meer. Ik heb een aantal gewoontes overboord moeten gooien in de laatste maanden. Dat is en blijft wennen. Eén kop koffie per dag, niet meer.

Muziek is een associatie-accelerator, zo ook Modern Times. Bij openingsnummer "Thunder On The Mountain" denk ik niet alleen aan de verschillende edits die er van dit nummer zijn gemaakt, maar ook aan de cover van Wanda Jackson. Bij het horen van "When The Deal Goes Down" denk ik aan Scarlet Johanssen en de Marvel-films waar ik graag samen met zoonlief naar kijk.
Het boek The Blues Line komt altijd gelijk in mijn gedachten bij het horen van "Rollin' And Tumblin'" [koop dat boek! Dit is pure poëzie] en bij "Spirit On The Water" denk ik aan het concert waarbij dit nummer voor het eerst echt tot mij doordrong - al weet ik niet meer welk concert dat geweest is. De datum doet er ook niet toe, als ik mijn ogen sluit zie ik het podium van toen weer voor me, hoor ik de klanken van "Spirit" binnenkomen, daar gaat het wel om, het binnenkomen.
Bij "The Levee's Gonna Break" denk ik aan orkaan Katrina en de film When The Levees Broke van Spike Lee. Zo is er bij ieder nummer wel een associatie.
Belangrijk? Nee, belangrijk zijn de associaties niet. Ze zijn er, dat wel.
(Associatie: regisseur Spike Lee is de zoon van William James Edward Lee III, de man die onder de naam William E. Lee bas speelde op Dylans Bringing It All Back Home.)

Voor mij is Modern Times het album van "Nettie Moore", "Ain't Talkin'" en vooral "Workingman's Blues #2".
Na het horen van Dylans "Workingman's Blues #2" heb ik lang gezocht naar "Working Man Blues" van Merle Haggard, uiteindelijk vond ik op een rommelmarkt het nummer op een singletje. Bij het horen van Haggards "Working Man Blues" is gelijk duidelijk waar Bob Dylan een uitgangspunt vond voor het schrijven van een klassieker voor de eenentwintigste eeuw: "Workingman's Blues #2".

Well, they burned my barn, they stole my horse
I can't save a dime
I got to be careful, I don't want to be forced
Into a life of continual crime

Het was financieel misschien niet de meest verstandige of logische keuze om nogmaals Modern Times op cd te kopen, maar spijt heb ik niet. Door die aanschaf ging ik opnieuw luisteren, opnieuw associëren, opnieuw terug naar die dag in 2006 dat ik Modern Times voor het eerst hoorde.
Mooie tijden waren dat, moderne tijden in een grijs verleden.

The 1966 Live Recordings - een anti-recensie #12

Op cd’s 19 en 20 van The 1966 Live Recordings staan de opnamen van misschien wel Bob Dylans bekendste concert ooit: Manchester Free Trade Hall, 17 mei 1966. Het Judas-concert. Dat concert werd voor het eerst in 1998 als het vierde deel van The Bootleg Series uitgebracht. De opnamen van dit concert op The 1966 Live Recordings zijn identiek aan de opnamen op The Bootleg Series vol. 4.
Het boekwerkje bij het vierde deel van The Bootleg Series: “Columbia Records recorded four shows during the British tour: Sheffield (May 16), Manchester (May 17 – the source fort his set), and London at Royal Albert Hall (May 26 and 27th). A three-track stereo machine was used, running at 15 IPS. A number of shows from Australia on were also recorded in whole or part from a mono line feed by the film crew, using a state of the art Nagra running at 7.5 IPS.” En over de opnamen met de “three-track machine”: “Unfortunately, they also wound up with a large amount of hall sound mixed into the vocal track, resulting in distant, somewhat muddy tracks on the acoustic portion of the show. It was discovered that the Nagra tapes in fact sounded better and they were chosen here”.
Kortom: Dylans solo-set, zoals te horen op The Bootleg Series vol. 4, is opgenomen, in mono, met de Nagra-machine, terwijl het Hawks-deel werd opgenomen met een three-track (stereo) machine.
Hier kom je alleen achter door de liner-notes van The Bootleg Series vol. 4 te lezen, dit staat niet vermeld in de informatie bij The 1966 Live Recordings, sterker nog: op het hoesje van cd 19 – Dylans solo-set van Manchester – staat dat het om een door CBS gemaakte stereo-opname gaat.
Niet dus.
De tape van de Nagra-machine moet bij twee nummers net niet lang genoeg geweest zijn, voor het eind van zowel “Visions Of Johanna” als “Desolation Row” is een stukje met de three track machine gemaakte opname ingelast om de opname van de Nagra-machine compleet te maken.

De opnamen van Bob Dylans Manchester-concert in The 1966 Live Recordings zullen voor geen enkele Dylan-liefhebber verrassend zijn, want zoals eerder gezegd, die opnamen werden in 1998 al als het vierde deel van The Bootleg Series uitgegeven.
En waarschijnlijk net zoals iedere andere Dylan-liefhebber had ik voor 1998, voor het kopen van The Bootleg Series vol. 4, al een ‘geschiedenis’ met dit concert.
Begin jaren negentig kocht ik de bootleg Royal Albert Hall 1966, een aardig klinkende cd van het Hawks-deel van het concert dat helemaal niet in de Royal Albert Hall in Londen werd opgenomen, maar in de Free Trade Hall in Manchester.
Een paar jaar later gevolgd door Guitars Kissing & The Contemporary Fix, mogelijk de enige Dylan-bootleg die beter klinkt dan de officiële release.
Hoe goed de opnamen op The Bootleg Series vol. 4 (en dezelfde opnamen op The 1966 Live Recordings) ook klinken, Guitars Kissing & The Contemporary Fix is onvervangbaar.

Terug naar The 1966 Live Recordings: helemaal aan het eind van cd 20 staat nog een verrassing: een opname van de soundcheck van  “Just Like Tom Thumb’s Blues”. De opname duurt ongeveer een minuut en begint met een paar seconden “I Don’t Believe You” waarna een laid-back versie van “Just Like Tom Thumb’s Blues” volgt.

Dylan Dichter (27 januari) door Tony Malfait


Klik op de afbeelding voor meer informatie.


de beste wensen voor 2017
dat het een Dylanrijk jaar mag worden

Tom Willems